Als ouder help je je kind natuurlijk graag waar mogelijk. Je wilt tenslotte het beste voor je kind. Dat snap ik.

 

Maar soms werkt het gewoon tegen je. En vooral ook: tegen je kind.

Laat me je een voorbeeld geven:

 

Op een zonnige dag fietste ik naar mijn werk toen mijn oog viel op een moeder met een bakfiets met een kind erin. Op zich niets raars natuurlijk. Een handige en snelle manier om je kinderen ergens heen te brengen als ze zelf nog niet zo goed kunnen fietsen.

 

Wat me opviel was dat de jongen die in de bakfiets zat waarschijnlijk een jaar of 9 was. Toen ik zo oud was, ging ik in mijn eentje naar school. Zonder mijn moeder of vader.

 

De jongen zat prinsheerlijk om zich heen zat te kijken in de schaduw van het afdakje. Zijn arm nonchalant leunend op de rand van de bakfiets. Moeder doet het werk en kind leunt achterover.

 

Ik zie het ook bij mij op school. Veel leerlingen worden door hun ouders gebracht met de auto. Bij de leerlingen van de basisschool lopen de ouders mee naar binnen en dragen de tas.

 

In mijn vorige baan merkte ik wel eens dat een verslag of een werkstuk niet door de leerling zelf was gemaakt maar door een van zijn ouders.

 

Als ouder wil je natuurlijk het beste voor je kind. Dus help je het zoveel mogelijk. Maar soms helpt helpen niet.

 

 

Wat gebeurt er echt?

 

Ik zie de gevolgen regelmatig. Als niet direct duidelijk is hoe iets gedaan moet worden dan beginnen sommige leerlingen niet aan de taak.

 

Ze weten niet hoe ze moeten beginnen aan een opdracht. Ze blijven hulpeloos voor zich uit staren omdat ze gewend zijn dat hulp vanzelf komt.

 

Soms durven ze niet te beginnen omdat ze geen fouten durven maken. Ze zijn gewend dat er iemand helpt als iets niet direct lukt.

 

Als ze al beginnen dan checken ze bij elke zin: is dit goed? Ze hebben constante bevestiging nodig.

 

Dat het deze kinderen niet lukt om aan het werk te gaan is niet omdat ze dom zijn. Nee ze zijn juist vaak superslim maar hebben nooit moeite hoeven doen.

 

Het probleem is niet dat ze het niet kunnen. Het probleem is dat ze nooit hebben geleerd om zelf problemen op te lossen.

 

 

De prijs van helpen

 

Als kinderen niet leren om zich in te zetten voor iets wat moeilijk is zullen ze nooit zelfstandig leren werken. Kinderen die niet zelfstandig kunnen werken ontwikkelen geen zelfredzaamheid.

 

Zelfredzaamheid is nodig voor zelfvertrouwen. Het gevoel van “het is me gelukt” geeft een kind veel voldoening. Het ziet dat het iets kan bereiken. Daardoor groeit het zelfvertrouwen.

 

Dat zelfvertrouwen hebben ze nodig in het leven binnen en buiten school.

 

Op school zie ik dat het vaak mis gaat bij toetsen. Het kind moet het alleen doen. Kan niet meer terugvallen op papa of mama. Het raakt in paniek.

 

Als dat vaak gebeurt ligt faalangst op de loer. De gedachte: “ik kan dit niet” zal steeds vaker bij het kind opkomen.

 

Het kind durft niet meer te vertrouwen op zijn eigen kunnen en kennis. Het heeft niet geleerd om zelf iets op te lossen dat moeilijk is.

 

 

Hoe help je je kind wél, zonder het over te nemen?

 

Zelfstandigheid en zelfredzaamheid zijn vaardigheden die een kind moet leren. Hieronder vind je een paar concrete tips om dat te trainen bij je kind.

 

Kies er een die bij jullie past en probeer die een tijdje uit. Hoe dat een tijdje vol. Veranderen van gedrag is moeilijk en gaat niet in een keer. Ook voor jou kan het een uitdaging zijn om de tip toe te passen.

 

TIP 1: Geef de verantwoordelijk terug

 

In plaats van: Heb je je huiswerk al gemaakt? Kom, we gaan samen kijken.

Probeer: Wanneer ga je vandaag aan je huiswerk beginnen?

 

Het verschil? Bij de eerste vraag neem jij de regie. Bij de tweede geef je de regie aan je kind. Je kind moet nadenken over planning. Dat is een vaardigheid.

 

Laat je kind zelf zijn agenda bijhouden, deadlines noteren, plannen wanneer wat gebeurt. Jij mag ernaast zitten als het leert, maar niet overnemen.

 

 

TIP 2: Help met de strategie, niet met de inhoud

 

Jouw taak is niet om de som op te lossen of de tekst te schrijven. Jouw taak is om je kind te leren HOE het problemen aanpakt.

 

In plaats van: Deze som moet zo.

Probeer: Hoe zou je deze som kunnen aanpakken? Wat is de eerste stap?

 

Stel vragen in plaats van antwoorden te geven. Wat heb je al geprobeerd? Waar loop je vast? Wat zou je kunnen doen om verder te komen?

 

Zo leer je je kind een denkproces, geen eindproduct.

 

 

TIP 3: Vier de moeite, niet het resultaat

 

Kinderen met faalangst focussen op het cijfer. Jij kunt dat doorbreken door te focussen op de inspanning.

 

In plaats van: Wat goed, een 7!

Probeer: Ik zag dat je elke dag hebt geoefend. Dat je bleef proberen ook al vond je het moeilijk. Daar ben ik trots op.

 

Hiermee leer je je kind dat het proces belangrijker is dan de uitkomst. En dat moeite doen loont, ongeacht het cijfer.

 

Kinderen die geloven dat inspanning werkt, geven niet op bij tegenslag.

 

 

TIP 4: Maak fouten normaal

 

In veel gezinnen zijn fouten iets engs. Iets wat niet mag. Maar fouten zijn de beste manier om te leren.

 

Deel je eigen fouten. Vertel wat je vandaag fout deed en wat je ervan leerde. Laat zien dat volwassenen ook fouten maken en dat dat oké is.

 

Als je kind een fout maakt bij huiswerk: Super dat je het zelf hebt geprobeerd. Laten we kijken waar het mis ging. Wat zie je nu?

 

Zo wordt een fout geen ramp, maar een kans om te leren.

 

 

TIP 5: Leer je kind om hulp te vragen (in plaats van te wachten tot jij het ziet)

 

Veel kinderen wachten tot jij vraagt: lukt het? Of tot jij ziet dat het niet goed gaat.

 

Draai dat om. Leer je kind: als je ergens niet uitkomt, kom je naar mij toe met een concrete vraag.

 

Niet: Mam, ik snap het niet.

Wel: Mam, ik snap vraag 3 niet. Ik heb de tekst twee keer gelezen maar ik weet niet wat ze bedoelen met dit woord.

 

Dat verschil is enorm. Je kind leert zelf analyseren waar het vastloopt. Dat is een vaardigheid die het op school, bij toetsen, bij examens hard nodig heeft.

 

Als je kind met een vage vraag komt, stuur je het terug: Wat snap je precies niet? Wat heb je al geprobeerd? Kom terug als je dat helder hebt.

 

Klinkt streng, maar het is liefdevol. Je leert je kind denken.

 

 

Waarom deze tips werken

 

Alle tips hebben hetzelfde doel: de regie verschuiven van jou naar je kind.

 

Niet in één keer. Niet hardhandig. Maar stap voor stap.

 

Je bouwt zelfredzaamheid op zoals je een spier traint. Kleine oefeningen, steeds iets zwaarder, tot het kind merkt: hé, ik kan dit.

 

En dan zie je het gebeuren. Je kind gaat met meer vertrouwen naar school. Durft een toets aan. Weet dat het zelf problemen kan oplossen.

 

Dat is waar het om draait. Niet om perfecte cijfers. Maar om een kind dat weet: ik red me wel.

 

Zelfstandigheid is te leren

 

Zelfstandigheid is geen aangeboren eigenschap, het is een vaardigheid. En vaardigheden kun je trainen.

 

Het is niet te laat. Zelfs als je kind nu 15 is en nog nooit zelfstandig huiswerk heeft gemaakt, kan het dit leren.

 

En dan zie je iets moois gebeuren: het kind gaat rechter op zitten. Het durft. Het probeert. En dat is het begin van echt zelfvertrouwen.

 

Niet in één keer. Niet hardhandig. Maar stap voor stap.

 

Je bouwt zelfredzaamheid op zoals je een spier traint. Kleine oefeningen, steeds iets zwaarder, tot het kind merkt: hé, ik kan dit.

 

En dan zie je het gebeuren. Je kind gaat met meer vertrouwen naar school. Durft een toets aan. Weet dat het zelf problemen kan oplossen.

 

Dat is waar het om draait. Niet om perfecte cijfers. Maar om een kind dat weet: ik red me wel.

 

 wat nu?

 

Hopelijk hebben bovenstaande tips jou en je kind geholpen op weg naar zelfstandigheid.

 

Lukt het jullie niet zo goed om de tips toe te passen? Kunnen jullie wel wat extra hulp gebruiken?

 

Ik denk graag met je mee. Elk kind is anders en niet alles werkt even goed bij elk kind.

 

Wil je kijken of ik jou en je kind kan helpen op weg naar zelfstandigheid? Plan dan hier een gratis kennismakingsgesprek met me in. Je houdt er altijd een paar persoonlijke tips aan over.

 

 

Pin It on Pinterest