De laatste toetsweek komt eraan. En je staat er niet goed voor.
In je hoofd speel je steeds dezelfde film af. Wat als ik geen goede cijfers haal? Dan blijf ik zitten. Dan moet ik misschien wel van school af. Mijn vervolgstudie kan ik dan wel op mijn buik schrijven. En die droombaan dus ook.
Overdag stel je het leren steeds uit. De berg werk lijkt te groot. Je weet niet waar je moet beginnen. En voor je het weet zit je weer op je telefoon of ben je aan het Netflixen.
Het helpt niet dat je soms dichtklapt tijdens een toets. Zelfs al bereid je alles goed voor. Wat als je hoofd straks ook opeens een error geeft?
Toetsstress.
Het vreet aan je. Het zorgt ervoor dat je niet kunt laten zien wat je écht kunt.
Maar er zit ook een voordeel aan die stress.
Ja, echt 😉
Waar zit nou dat voordeel?
Het feit dat je je nu al zorgen maakt, is eigenlijk een goed teken. Want het betekent dat je nadenkt over wat er gaat komen.
Je bent er dus op tijd bij.
Met de juiste aanpak buig je die stress om naar iets wat jou juist helpt: gezonde spanning in plaats van verlammende angst.
Een goede planning helpt je daarbij. Die geeft overzicht en rust.
Begin zo: schrijf voor elk vak op waar de toets in de toetsweek over gaat. Schrijf erbij welke vakken je moeilijk en welke vakken je niet zo moeilijk of zelfs makkelijk vindt.
Check wat je al weet
Maak voor elk vak een oefentoets. Dan ontdek je wat je al weet en waar je nog moeite mee hebt. Het is tenslotte zonde van je tijd om veel aandacht te besteden aan het leren van dingen die je eigenlijk al goed kan.
Zo hou je tijd over om te werken aan de dingen die je lastig vindt. Daar haal je de meeste winst.
Schrijf nu op hoe lang je bezig denkt te zijn met elk vak. Reken ook uit hoeveel tijd je in totaal nodig hebt voor al je vakken samen.
Verdeel het leren in hapklare brokken
Je kunt niet uren achter elkaar studeren.
Dat kan niemand.
Misschien heb je wel eens gehoord van de pomodoro-techniek? Steeds 25 minuten geconcentreerd werken en dan 5 minuten pauze.
Werktijd en pauzetijd afwisselen is heel goed. En die 25 minuten kunnen bij jou best 20 minuten zijn of juist 45.
Maar als je geen plan hebt hoe je die werktijd gaat vullen, dan schiet het ook niet op. Gelukkig zijn er veel tips te vinden op internet. Kijk bijvoorbeeld eens hier.
Maak een lijst met al je vaste afspraken
Dit is heel belangrijk: houd bij je planning niet alleen rekening met je leertaken. Maar ook met andere dingen zoals werk, sporten, naar school gaan, familie en vrienden…
Zet al deze dingen eerst in je planning.
Zo weet je hoeveel tijd je nog over hebt om te leren voor de toetsen.
Plan je leertaken slim in
Check even of je genoeg tijd over hebt om al je leertaken te doen. Als dat zo is ga je de leertaken inplannen.
Kom je tijd te kort? Kijk dan op welke vaste afspraken je kunt “bezuinigen”.
Tip: laat het sporten zo lang mogelijk staan. Juist in deze tijd heb je voldoende fysieke ontspanning nodig.
Je weet vast wel op welk moment van de dag jij het beste kunt leren. Plan de moeilijke vakken op die momenten in. Op de momenten dat je niet zo goed kunt leren, werk je aan de makkelijkere vakken.
Plan voldoende tijd in voor het maken van opgaven
Alleen de theorie weten is geen garantie voor succes. Ja, natuurlijk moet je de begrippen goed kennen. Je hebt ze namelijk nodig in je antwoorden.
Maar op de toets moet je de theorie kunnen toepassen.
Oefen daarmee.
Maak bijvoorbeeld opgaven die je moeilijk vond of fout had nog een keer.
Maak voorbeeldtoetsen
De opgaven bij de leerstof zijn niet altijd van hetzelfde niveau als de vragen op een toets.
De opgaven bij de leerstof zijn bedoeld om te kijken of je het nieuwe stukje theorie begrepen hebt en kunt toepassen.
Maar tijdens een toets moet je vaak theorie uit verschillende paragrafen (of zelfs verschillende hoofdstukken) combineren.
Dat is een heel andere tak van sport.
Waarschijnlijk staan er in je boek oefentoetsen of gemengde opgaven. Deze lijken waarschijnlijk meer op het niveau van de vragen op de toets.
En het is natuurlijk helemáál geweldig als je docent een oefentoets heeft gemaakt 😉
Wat als je niet kunt starten met leren?
Je hebt geen zin om aan het werk te gaan. Tegelijk weet je best dat als je niets doet voor school de kans groot is dat het verkeerd afloopt.
Je zult dus aan de slag moeten. Maar dat lukt niet.
Het eerste beginnen is vaak het moeilijkst. Vooral als het gaat om een moeilijk vak. Deze truc werkt verrassend goed:
Ga zitten met je huiswerk voor je en zeg tegen jezelf bij 10 ga ik beginnen. Tel dan hardop van 1 tot 10 en begin dan met werken.
Grote kans dat als je eenmaal de eerst hobbel genomen hebt, dat je dan vanzelf verder gaat.
Wat als je steeds afgeleid bent?
De verleiding van je telefoon is groot. Even je socials checken, een appje sturen, een filmpje kijken. Voor je het weet ben je een uur verder.
Tijd die je eigenlijk zou besteden aan leren.
Hier is een stappenplan dat je kan helpen om minder snel afgeleid te zijn:
- Zoek een vaste plek om te werken die je nergens anders voor gebruikt
- Zorg dat je telefoon niet op je werktafel ligt en op vliegtuigstand staat
- Ga zitten, pak je spullen en zeg tegen jezelf: “Ik ga nu aan het werk”
- Zodra je bent afgeleid sta je op van je plek
- Loop een rondje door de kamer/het huis
- Ga weer zitten en zeg weer tegen jezelf: “Ik ga nu aan het werk”
In het begin zal je waarschijnlijk vaak opstaan omdat je bent afgeleid. Maar na verloop van tijd merk je dat je steeds langer achter elkaar kunt werken. Je lichaam went er namelijk aan dat je aan het werk gaat zodra je op die vaste plek zit.
Bovenstaande stappenplan pas ik zelf ook toe.
Ik heb een werkkamer waar ik alleen maar kom als ik aan het werk ben. Zodra ik mijn werkkamer binnen kom, weet mijn lichaam er gaat gewerkt worden. Dit helpt mij enorm om mijn werk op tijd af te krijgen.
Wat als je allemaal doem-gedachten hebt?
Zodra je begint met leren of je een toets moet maken komen er gedachten bij je op als: “Het gaat toch niet lukken. Ik kan het gewoon niet. Ik snap er niks van.” Je kan er vast nog veel meer bedenken.
Allemaal gedachten die je niet helpen om optimaal te presteren. In het ergste geval vergroten ze de kans dat je dichtklapt tijdens een toets. Of het opgeeft.
Goed nieuws: je kan deze doem-gedachten een halt toe roepen. Dat doe je door helpende gedachten te formuleren. En die vaak voor jezelf te herhalen.
Let op: die helpende gedachten moeten wel waar zijn, want anders hou je jezelf voor de gek.
Bovenstaande doem-gedachten zou je bijvoorbeeld kunnen omzetten in: “Ik ga mijn best doen. Ik ga kijken hoever ik kom. Er is vast wel iets bij wat ik wel snap.”
Deze gedachten zijn waar.
Ze helpen je om rustig te blijven, vooral als je ze vaak genoeg voor jezelf herhaalt.
Maak er een mantra van. Of plak ze op je spiegel zodat je ze vaak ziet.
Hoe ik je kan helpen
Hopelijk hebben bovenstaande tips je geholpen om wat minder gespannen te zijn voor de toetsweek.
Blijven de zenuwen toch door je lijf gieren? En belemmert dat jou om je goed voor te bereiden?
Ik denk graag met je mee. Zo kan het in het begin best lastig zijn om helpende gedachten te verzinnen. Omdat ik ervaringsdeskundige ben op het gebied van faalangst kan ik je daar goed bij helpen.
Wil je kijken of het klikt tussen ons, plan dan hier een gratis sessie met mij in of stuur met een berichtje via 06 38753202. Je houdt er altijd een paar persoonlijke tips aan over.
